Blog

‘In het verzet!’

Thème - Résistance

Auteur : Weyns Babette

Bebette Weyns

Babette Weyns

Babette Weyns (°1991) is als aspirant van het FWO verbonden aan de vakgroep Geschiedenis van de Universiteit Gent. In haar doctoraat onderzoekt ze de naoorlogse herinneringsmilieus van het verzet en hoe die een impact hebben gehad op de publieke herinnering aan het verzet in België.

Naar aanleiding van de Canvasreeks ‘Kinderen van het verzet’, verzorgt historica Babette Weyns (UGent) wekelijks een reactie op de blog van BelgiumWWII. Deze week: Aflevering 1: ‘In het verzet!’

‘Kinderen van’ spreken zelden met één stem. Toch brengt Canvas ook de ‘Kinderen van het verzet’, na ‘Kinderen van de collaboratie’, opnieuw onder één noemer. De reeks beoogt geen geschiedenisles te zijn over ‘het verzet’, maar kan daar in zijn eerste aflevering natuurlijk niet helemaal omheen. Hoe schetst die aflevering iemand ‘in het verzet’ en hoe verhoudt de nieuwe reeks zich tot zijn voorganger?

Twee kampen

‘Kinderen van het verzet’ wordt in de communicatie van Canvas diametraal tegenover de reeks ‘Kinderen van de collaboratie’ geplaatst. Het is de opvolger, en in veel opzichten moet het ook de tegenhanger vormen. Canvas doet zijn kijkers daardoor onvermijdelijk door een bril kijken die ‘verzet’ als spiegelbeeld opvoert van ‘collaboratie’. Dat maakte eindredacteur Geert Clerbout nog eens duidelijk bij de lancering van de reeks. Het loyaliteitsconflict dat bij  ‘kinderen van de collaboratie’ voor een spanningsboog zorgde tussen kind en ouder, was hier niet aanwezig, zo stelde hij. De 'kinderen van het verzet' waren unaniem ‘trots’, want hun ouders streden voor ‘het goede’. Doet deze absolute tegenstelling niet af aan de historische waarde van de reeks?

Het doel van het format ‘kinderen van’ is nochtans om voorbij dergelijk zwart-wit denken te kijken. Net zoals de ‘kinderen van de collaboratie’ niet spraken over ‘de’ collaborateur, spreken deze kinderen niet over ‘de’ verzetsstrijder, maar vertellen ze over hun vaders en moeders. Dat daarin geen ‘spanningsbogen’ te ontwaren zouden zijn, lijkt sterk. Hoe de ‘kinderen van’ het engagement van hun ouders kaderen kan net bijzonder veelzijdig zijn én vol frictie zitten, want de betekenis die zij eraan verlenen is natuurlijk door een hele resem factoren beïnvloed.

2019-10-01-kinderen-van-het-verzet-23-van-40.jpg
Institution : CegeSoma
Droits d'auteur : CegeSoma
Légende d'origine : Geert Clerbout tijdens de lancering van "Kinderen van het Verzet", 1 oktober 2019

Een individuele verzetservaring

in-het-verzet.jpg
Institution : CegeSoma

Canvas kiest niet voor een geschiedenis van specifieke verzetsorganisaties, hun verwezenlijkingen of achterliggende ideologie. Hoewel je zou kunnen beargumenteren dat een meer gedetailleerde kennis van de oorlogscontext noodzakelijk is om de verhalen van de kinderen correct te kunnen plaatsen (eenzelfde kritiek hoorden we over 'kinderen van de collaboratie'), levert een historisch gedetailleerde geschiedenis van Belgische verzetsbewegingen natuurlijk ook minder emotionele en beklijvende televisie op.

Kritiek geven op iets wat de reeks ‘Kinderen van het verzet’ niet belooft te doen, lijkt dan ook een slag in het water. Toch moet ik als historica reflecteren over welk beeld van het verzet in deze reeks wordt gecreëerd en wat je onthoudt als kijker. De eerste aflevering ‘In het verzet!’ zet de toon van de reeks als sterke emotionele binnenkopper. De verzetservaring wordt bovenal geschetst als een buitengewoon risicovolle onderneming, met vaak dramatische gevolgen. De geladen stilte na de eerste publieke vertoning van de aflevering in het CegeSoma was in dat opzicht veelzeggend. Het emotionele verhaal van de getuigen staat een genuanceerde blik op de verzetservaring van hun ouders evenwel niet in de weg.

Wanneer de ‘kinderen van het verzet’ het engagement van hun ouders willen plaatsen in het brede landschap van verzetsbewegingen in België, wordt in de eerste aflevering geantwoord met ‘gewapende Partizanen’, de ‘Witte Brigade’, maar ook een eerlijke ‘ik weet het niet’. Hoewel er via voice-over wat aandacht wordt besteed aan het ‘Onafhankelijkheidsfront’, berust de afwezigheid van uitleg over de Witte Brigade, Het Geheim Leger, de Nationaal Koningsgezinde Beweging, Gewapende Partizanen, Patriottische milities of ander bewegingen, op een bewuste redactionele keuze.

 

Uiteraard waren ‘verzet’ en de beweegredenen daartoe tijdens de Tweede Wereldoorlog zowel kleiner als groter dan in beeld kan worden gebracht in deze aflevering. Toch slaagt de Canvasploeg erin om het verzet in beeld te brengen als organisch groeiproces. Met andere woorden; het wordt duidelijk hoe een bepaalde keuze leidt tot een volgende en verzet een transgressionele ervaring wordt. De kijker krijgt allesbehalve de indruk dat de ouders van deze kinderen een lidkaartje kochten bij een gevestigde verzetsorganisatie en dat daarmee de kous af was. De eerste aflevering probeert dan ook een belangrijke vraag te beantwoorden: hoe komt iemand tot verzet en vanaf wanneer spreken we eigenlijk over ‘verzet’?

De makers van de reeks pikken hier op in door de kinderen duidelijk te vragen naar het ‘waarom’ van het verzetsengagement van hun ouders. Historici proberen dit te plaatsen in complexe matrices van onder andere maatschappelijke positie, politieke voorkeur, lokale oorlogscontext, vooroorlogse engagementen, kortom; een genuanceerde middenweg tussen kleinere omstandigheden en grootse idealen die iemand tot verzet konden aanzetten. Met antwoorden als ‘wij waren echte Belgen’, verwijzing naar liberale vrijheden, maar ook kleine verontwaardiging tegenover het gedrag van een leerkracht, passeert in deze aflevering een diverse waaier aan mogelijke motieven. Daarnaast horen we ook hoe iemand onder invloed van familie of vrienden tot diverse vormen van verzet overging, of hoe iemand als stationschef wordt aangezocht door zijn gunstige positie en kennis over het terrein.

Besluit: Een emotionele geschiedenisles

‘Kinderen van het verzet’ neemt met zijn eerste aflevering een straffe start: de kijker krijgt, schematisch en in vogelvlucht, een geschiedenisles met de basiselementen over het verzet in België tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het is een les met een emotionele spanningsboog om U tegen te zeggen, en zeker en vast een sterk staaltje televisie.

De vooruitblik op de twee volgende afleveringen, waarin de reeks afdaalt in ‘de hel van de kampen’, en focust op ‘een oorlog die nooit stopt’, doet sterk vermoeden dat dit de enige aflevering uit de reeks zal zijn die echt op het verzetsverleden ingaat. Het verrast niet dat ‘kinderen van’ meer verbonden zijn door de gevolgen en risico’s van verzet dan de verzetsdaden van hun ouders als dusdanig. Het zal interessant zijn die balans verder in de verhalen van de getuigen te kunnen opmaken.

Bibliografie

Ismee Tames, ‘Over grenzen. Liminaliteit en de ervaring van verzet’ Rede uitgesproken bij de
aanvaarding van het ambt van bijzonder hoogleraar ‘Geschiedenis en betekenis van verzet tegen onderdrukking en vervolging’
in de faculteit Geesteswetenschappen aan de Universiteit Utrecht, op 17 mei 2016.

Reageren?

U wordt geraakt door deze bijdrage of u wenst te reageren?

Uw opmerkingen, commentaren en ideeën zijn welkom via belgiumwwii@arch.be