België in oorlog / Gebeurtenissen

Conventie van Den Haag.

Thema - Collaboratie - Justitie

Auteur : Wouters Nico (Instelling : CegeSoma)

Het belangrijkste internationale verdrag dat tijdens WO II de rechten en plichten van een bezetter regelt.

Oorsprong en betekenis

Op 18 oktober 1907 ondertekenden 44 landen – waaronder België en Duitsland – het ‘Verdrag nopens de wetten en gebruiken van den oorlog te land’, ook bekend als het ‘Landoorlogreglement’ of nog de ‘Conventie van Den Haag’. Het is een herziene versie van een verdrag uit 1899.

Het verdrag legt diverse rechten en plichten van oorlogvoerende partijen vast. Het belangrijkst zijn artikelen 42 tot en met 56, over het bestuur van een vijandige bezetter. Het verdrag geeft de bezetter een vrij grote macht. 

522890
Instelling : CegeSoma
Auteursrecht : Rechten voorbehouden
Oorspronkelijke legende : Zonder originele legende

De bezetter kan ordonnanties of decreten uitvaardigen in het bezette gebied met kracht van wet die de bestaande nationale wetgeving ondergeschikt kunnen maken. Ook moet de bezetter de openbare orde en het publieke leven garanderen (‘behoudens bepaalde verhindering, met eerbiediging van de in het land geldende wetten’, artikel 43). Het verdrag legt de bezetter ook beperkingen op. De bezetter mag niet plunderen of niet willekeurig mensen en materiaal opeisen, mag geen burgers trouw doen zweren aan vijandelijke mogendheden en mag geen inbreuk plegen op het recht op eigendom en de godsdienstige overtuiging. 

De tekst van de conventie wordt integraal opgenomen in het Belgische Burgerlijke Mobilisatieboekje. Zolang de bezetter de Conventie van Den Haag respecteert, zijn Belgische ambtenaren in principe verplicht bevelen van de bezetter uit te voeren.

Gebruik en impact

In mei 1940 verzekert de nieuwe Duitse militaire bezetter dat hij de Conventie van Den Haag zal respecteren. Er bestaat echter onduidelijkheid over de toepassing van de vrij algemene tekst. In het begin is een ‘maximale’ interpretatie van de conventie de norm. Dit houdt in dat de bevelen van de bezetter in principe altijd moeten uitgevoerd worden. Vanaf mei-juni 1941 proberen diverse Belgische overheden geleidelijk te gaan naar een meer strikte interpretatie. Ze beroepen zich dan meer op de conventie om het Duitse beleid in vraag te stellen.       

Gaandeweg verliest de Conventie van Den Haag relevantie. Tegen 1942 is immers duidelijk dat de Duitse bezetter de conventie niet respecteert. Niettemin blijft het verdrag een essentieel referentiepunt. In de praktijk wordt het een strategisch schaakspel dat bepaalt wanneer de Conventie van Den Haag wordt ingeroepen door de Duitsers, of door de Belgen om bevelen in vraag te stellen. Ook in de naoorlogse gerechtelijke bestraffing van collaboratie is de Conventie van Den Haag nog een factor.  

Bibliografie

Conway, Martin : Les Années de Collaboration : 1940-1944 : Le Rexisme de Guerre. Ottignies: Quorum, 1994.

Eddy De Bruyne. Encyclopédie de l’occupation, de la Collaboration et de l’ordre nouveau en Belgique francophone (1940-1945). La-Roche-en-Ardenne: Cercle d’histoire et d’archéologie Segnia, 2016.


Meer weten...

5825 Artikels Administratieve Collaboratie Wouters Nico
32785 Artikels Conflicten tussen de magistratuur en bezetter Zurné Jan Julia