België in oorlog / Persoonlijkheden

Henri Rolin

Auteur : Colignon Alain (Instelling : CegeSoma)

Henri Rolin en Paul-Henri Spaak hadden heel wat gemeen: zelfde sociologische en culturele milieu (Franstalige  burgerij met Vlaamse wortels), zelfde politiek-levensbeschouwelijk profiel en zelfde politieke evolutie, van progressief liberalisme naar  Belgisch socialisme.

Toch bleek de levensweg van beiden erg uiteenlopend : enerzijds het idealisme van Rolin dat zijn wortels vond in het internationaal Recht, anderzijds het  pragmatisme van  Spaak die zeer lang minister van Buitenlandse zaken was.  

Een burgerlijke en Gentse dynastie

Henri Rolin (1891-1973) was het zesde van acht kinderen van Albéric Rolin en Sylvie Borreman. Het was een oude Gentse familie die tegelijkertijd christelijk EN liberaal was, vrij ongewoon in een negentiende eeuw die naar zijn einde liep. De familie telde een aantal eminente juristen. De jonge Henri trad in hun voetspoor en studeerde rechten aan de Gentse universiteit. Maar de Eerste Wereldoorlog zou hem pijnlijk en voor lang tekenen . Hij was oorlogsvrijwilliger en vocht in een artillerie-eenheid van de 6e Legerdivisie waar hij verschillende malen gewond werd. Aan het einde van de oorlog was hij luitenant en bevelhebber van een batterij zwaar geschut. Drie van zijn broers sneuvelden. Van toen af werd het pacifisme zijn credo en het internationaal Recht in zijn ogen het beste middel om dat te verwezenlijken . Zijn oorlogsondervinding van contact met de “kleine man” vergemakkelijkte ongetwijfeld zijn stap van liberalisme naar socialisme. Na de wapenstilstand werkte hij als secretaris voor Paul Hymans tijdens de vredesconferentie en in de Volkenbond. Op 20 augustus 1919 promoveerde hij tot dr. in de rechten van de Gentse Alma Mater . Hij maakte zich weinig illusies over het fameuze verdrag van Versailles omdat hij vreesde dat het “zoals het was, een “nieuwe laatste oorlog”” voorbereidde. Toch hoopte hij dat de Volkenbond als vredestichter zou kunnen fungeren. 

 

het-laatste-nieuws-13-2-1919-p-1.png
Instelling : KBR
Oorspronkelijke legende : Het Laatste Nieuws, 13 februari 1919, p. 1.

Van “advocaat die het Recht (s)preekt” tot socialistisch parlementair

le-peuple-23-3-1933-p-1.png
Instelling : KBR
Oorspronkelijke legende : Le Peuple, 23 maart 1933, p. 1

Rolin werd lid van de Brusselse balie en legde de eed af op 14 oktober 1919. Als advocaat specialiseerde hij zich aanvankelijk in zaken omtrent brevetten maar hij werd bekend door enkele gemediatiseerde processen voor de goede zaak. In 1924 werd hij lid van het Instituut voor Internationaal recht . Een jaar later werd hij kabinetschef van de socialist Emile Vandervelde, de nieuwe minister van Buitenlandse zaken. Na veel aarzelen sloot Rolin zich in 1931 aan bij de B.W.P. Na de verkiezingen van december 1932 werd hij gecoöpteerd senator , zetel die hij tot in 1968 zou bekleden. Zijn tussenkomsten gingen van de territoriale bevoegdheid van de notarissen over de beroepsorganisatie van ambachten en neringen tot het “aerochemische gevaar”. Maar hij werd vooral de man die de Volkenbond verdedigde en die steeds heftiger het agressieve “internationaal fascisme” aan de kaak stelde . Na 1936 lanceerde hij steeds weer aanvallen op de “onafhankelijkheidspolitiek” (eigenlijk neutraliteitspolitiek) die gedragen en verdedigd werd door een zekere Paul-Henri Spaak…die nochtans tot dezelfde politieke familie behoorde ! 

Een antifascist in bezet België

Na de Duitse inval op 10 mei 1940 werd hij als reserveofficier opnieuw onder de wapens geroepen als luitenant, adjunct van de bevelhebber van het 14e Artillerie. Zeer snel begreep hij dat er in de bevelsstructuur en de transmissie een algemene desorganisatie heerste en dat de « fighting spirit » van de manschappen onbestaande was. Na de capitulatie van 28 mei 1940 werd hij krijgsgevangen genomen door de Duitsers maar hij slaagde er na enkele dagen in om te ontsnappen. Hij keerde terug naar Brussel waar de adepten van de “Nieuwe orde” nu het hoogste woord voerden. Aan de Balie kende men zijn hevig antifascisme en men liet hem links liggen. In de raad van de Balie verzette hij zich niet alleen tegen het herverschijnen van Le Peuple onder Duitse censuur maar ook tegen het beleid van het comité van Secretarissen-generaal dat hij te ver vond meegaan met de bezetter. Aan de ULB waar hij de cursus “rechten van de mens” doceerde, deed hij in november 1940 openlijk een aanval op De Man en beschuldigde deze er welhaast van een verklikker te zijn in dienst van de nazi’s. Dat deed vlug de ronde en er werd niet met gelachen. Op 8 februari 1941 deelde de Militärverwaltung aan de secretaris-generaal van onderwijs mee dat Rolin op non-actief moest gesteld worden … Er bleef hem dus alleen zijn advocatuur en terwijl een groot deel van zijn cliënteel niet meer opdaagde, besloot Rolin eind juni 1941 dan maar om onder te duiken. Alhoewel zijn vrouw dat niet goed zag zitten, verliet hij Brussel op 26 juli 1941 om via Frankrijk en Spanje naar Londen te gaan. Hij kwam er aan in de herfst 1941.

Hij snapte de gang van zaken in de Britse hoofdstad al snel en werd lid van de Parlementaire raad , een soort raadgevend organisme bestaande uit (dikwijls erg linkse) leden van Kamer en Senaat. Met plezier zag hij er de Luikse socialistische volksvertegenwoordiger Georges Truffaut terug. Op 19 februari 1942 werd hij Onderstaatssecretaris van Landsverdediging. De regering wilde hiermee een dubbelslag slaan: Rolin die in ’14-’18 en mei ’40 een goed officier was, leek in de ogen van sommigen een goed leidersfiguur om de op Landsverdediging duidelijk overvraagde Camille Gutt bij te staan en het zou op de koop toe zijn teveel aan energie in goede banen leiden. Maar de nieuwe Onderstaatssecretaris botste vlug op zijn grenzen. Wat officieren en onderofficieren betrof, wilde hij de kool en de geit sparen met als resultaat dat iedereen nu ontevreden was. Hubert Pierlot werkte hem buiten en nam zelf de portefeuille van Landsverdediging in handen. Zijn halve ministeriële functie die meer administratief dan echt politiek was, had minder dan 9 maand geduurd en had zijn eigenliefde erg op de proef gesteld …

Hij troostte zich ermee veel en lang te praten voor de B.B.C. en in de Consultatieve parlementaire raad. Als rechtenspecialist lag hij aan de basis van een besluitwet van de regering over de machtsoverdracht aan de bevelhebber van S.H.A.E.F. (Eisenhower) om de orde in bevrijd België te handhaven … Daarna kreeg hij een functie bij de « Civil Affairs » , een organisme onder Britse controle om de administratie van de bevrijde gebieden in goede banen te leiden. Hij bleef er tot enkele maanden na de bevrijding in uniform en concentreerde zich daarna een tijdje op zijn functies aan de Balie en in de Senaat. 

32701-rolin.jpg
Instelling : Cegesoma
Collectie : Marc Schreiber
Auteursrecht : Voorbehouden rechten
Oorspronkelijke legende : Henri Rolin, s.d.
32698-rolin-funArailles-de-truffaut.jpg
Instelling : Cegesoma
Collectie : Marc Schreiber
Auteursrecht : Voorbehouden rechten
Oorspronkelijke legende : Toespraak van Henri Rolin tijdens de begrafenis van Georges Truffaut, april 1942.
32699.jpg
Instelling : Cegesoma
Oorspronkelijke legende : Henri Rolin, Londres, s.d.

Veel eer maar weinig macht…

Na de oorlog werd hij voorzitter van de faculteit Rechten van de U.L.B. van 1947 tot 1950. Hij zetelde als Belgisch afgevaardigde tijdens verschillende sessies van de algemene vergadering van de U.N.O. , werd dan lid van de consultatieve vergadering van de Raad van Europa raad en rechter, later voorzitter van het Europees hof voor de mensenrechten.

Op politiek vlak bleek de rest van zijn carrière niet echt een groot succes. In maart 1946 was hij gedurende een week minister van Justitie. Van 11 november 1947 tot 6 november 1949 fungeerde hij als voorzitter van de Senaat in een periode waarin de “Koningskwestie” on hold stond. Daarna liet hij zich vooral opmerken door - soms genuanceerde - tussenkomsten ten gunste van de dekolonisatie van Algerije en Congo en door zijn (moreel!) verzet tegen de Amerikaanse interventie in Viëtnam. In augustus 1968 volgde een ferme veroordeling van de inval van het rode leger in Tsjechoslovakije om de “Praagse lente” in de kiem te smoren…

Henri Rolin overleed te Parijs op 20 april 1973 aan een banale hartaanval, net zoals zijn “vriend” Spaak . 

Bibliografie

In memoriam Henri Rolin (1891), dans Revue belge de Droit international, n°2 de 1973, Bruxelles, ULB.

Robert Devleeshouwer, Henri Rolin (1891-1973). Une voix singulière, une voix solitaire, Bruxelles, ULB, 1994.

Robert Devleeshouwer, "Henri Rolin" in Biographie nationale, Bruxelles, Bruylant, tome 41, pp. 693-698, https://www.academieroyale.be/...

Henri Rolin et la sécurité collective dans l’entre-deux-guerres (Œuvres d’Henri Rolin, T. Ier), Bruxelles, Bruylant/Editions de l’U.L.B., 1987.

Henri Rolin, La Belgique neutre ?, Bruxelles, Larcier, 1937.

Meer weten

284606 Artikels Belgische Werkliedenpartij (BWP) (De)/Belgische socialistische partij (BSP) Stutje Jan Willem
1273-gouv-belge-londres-dec-1942.jpg Artikels Belgische regering van Londen (De) Colignon Alain