België in oorlog / Persoonlijkheden

Jacques Grippa

Thema - Verzet

Auteur : Colignon Alain (Instelling : CegeSoma)

Jacques Grippa was afkomstig uit een bescheiden Italiaans-Belgische familie uit  de industriële gordel rond Luik. Ongetwijfeld was het zijn moeder, een sterke vrouw met “linkse” ideeën , die een beslissende rol speelde in zijn levenslange communistische engagement als mens en burger. Maar ook zijn beproevingen  tijdens de Tweede Wereldoorlog droegen bij tot zijn speciale karakter dat onbuigzaam en zelfs sectair kon zijn. 

Een goed georganiseerd militant…

Grippa was een rustige jongeman die een normaal schoolparcours aflegde maar gefascineerd raakte door de oktoberrevolutie van 1917 en verontwaardigd was over de onrechtvaardige veroordeling van de Italiaans-Amerikaanse anarchisten Sacco en Vanzetti (1927). In het begin van de jaren ’30 bewoog hij zich geleidelijk aan van de socialistische beweging naar de kleine communistische familie in België.  Praktisch als hij was, zette hij zijn studies voort tegelijkertijd met een grote inzet als militant. Hij behaalde een diploma burgerlijk ingenieur electro-mechanica aan de ULB. Zijn inzet, zijn intelligentie en zijn afkomst leidden er vlug toe dat hij binnen de KPB het hoofd werd van de sectie ‘geïmmigreerde arbeiders’ (januari 1933) en meer in het bijzonder van de Italiaanse immigranten. Bovendien kreeg hij als bijzonder actief lid van de Communistische Jeugd de opdracht de link met de Geünifieerde Socialistische Studenten uit te bouwen.

Tijdens het « Drôle de guerre » volgde hij als secretaris van de afdeling Schaarbeek trouw de partijlijn en de toenmalige pacifistische en ultra-neutralistische propaganda van de IIIe Internationale. Op 10 mei 1940 werd hij aangehouden omdat hij ervan verdacht werd staatsgevaarlijk te zijn. Hij werd weggevoerd naar het kamp van Le Vernet in zuid-Frankrijk en bevrijd in juli. Terug in België hernam hij al vlug zijn  activiteiten als militant en evolueerde naargelang de tijd verstreek  en de Duits-Sovjet betrekkingen verslechterden  naar een soort  semi-clandestiniteit. Na de aanval op de Sovjet-Unie  door nazi-Duitsland op 22 juni 1941 zou hij volledig onderduiken. Hij was toen pas even opgesloten geweest door de Sipo-SD die hem bij gebrek aan bewijs had moeten vrijlaten. 

31958-grippa.jpg
Instelling : CegeSoma
Oorspronkelijke legende : Jacques Grippa, s.d.

Militant, verzetsman en held !

carcob_cl2-258_1943-08_01_056-00001-drapeau-rouge-aoAt-1943.jpg
Instelling : Carcob
Oorspronkelijke legende : Le Drapeau rouge, nr 53, augustus of september 1943.
31961-grippa-vente-dr-1946.jpg
Instelling : CegeSoma
Oorspronkelijke legende : Jacques Grippa, Verkoop van "De Drapeau rouge", 1946.

In het duister van de clandestiniteit vervulde de “ultra betrouwbare”  Jacques Grippa verschillende hoge kaderfuncties in de  communistische en para-communistische hiërarchie (verantwoordelijke voor het vakbondswerk, lid van het centraal comité van de Partij, secretaris van de Federatie Verviers , stafchef van de “Gewapende Partisanen”… ) waarbij zijn inzet en zijn organisatietalent hem goed van pas kwamen.



Het avontuur eindigde in juli 1943 toen de leiding van de clandestiene KPB door de Sipo-SD opgerold werd als gevolg van de loslippigheid van twee aangehouden bevelhebbers van de KP, Louis Develer en Paul Nothomb. Grippa werd naar de Sicherheitsdienst aan de Louizalaan en even later naar Breendonk overgebracht waar hij “gespierd” ondervraagd werd en  daarna echt gemarteld. Hij verklikte echter niets terwijl dat rondom hem meer dan eens het geval was. Terwijl hij zelf bleef zwijgen, zou hij voor altijd getekend worden door het spreken of zelfs bijna het samenwerken (of erger) van een aantal van zijn mede-gevangenen.  Voortaan zou hij alle compromissen – voor hem een vorm van verraad of minstens van hypocrisie -  verdacht vinden en afwijzen.  Na een periode in Breendonk werd hij in mei 1944 weggevoerd naar  Buchenwald. Hij bleef zo energiek dat hij in het kamp zelf een groepje verzetslui vervoegde.


Hij werd bevrijd door de Amerikanen. Bij zijn terugkeer in Brussel  overtuigde de partijleiding hem ervan   te zwijgen over de “vergissingen” van zijn strijdgenoten in juli 1943 om het verzetsimago van de partij in deze naoorlog niet te verzwakken.  Hij werd betaald partijfunctionaris , zetelde in het centraal comité van de KPB van 1946 tot 1954 en was bestuurder van de communistische krant Le Drapeau rouge.  Bovendien was hij in 1945-1946 kabinetschef van  Adrien Van Den Branden de Reeth, minister van Oorlogsslachtoffers en daarna van zijn partijgenoot Jean Borremans, minister van Openbare werken.   

Frustraties en breuk(en) .

Maar boven deze periode die voor hem een soort politieke gouden tijd  was, hingen (zeer) donkere wolken. Hij moest in de hogere partijregionen samenwerken met degenen die volgens hem in 1943 de communistische idealen verraden hadden en die nu opnieuw deel uitmaakten van  de leiding alsof er niets gebeurd was... Hij zou moeten wachten tot  1954 en het  congres van  Vilvoorde om in het openbaar de rekening te presenteren . De machtsverhoudingen waren tijdelijk in zijn voordeel gekanteld, de destalinisatie was daar en het woord was even vrij. Laat het nu precies deze destalinisatie zijn  die voor leidde tot het probleem van het  «chroesjtsjovisme »: een teken van verburgerlijking en een verraderlijke vorm van ideologisch  « revisionisme ». Ondertussen had hij in 1957 de Vereniging België-China opgericht die de betrekkingen en de vriendschap tussen beide landen moest verstevigen ; het was dus bijna vanzelfsprekend dat Grippa het “pure” communistische regime van zijn dromen nu in Peking ging zoeken. Het was des te “puurder” omdat het de erfenis van Stalin  niet verwierp , integendeel !

Uiteindelijk zou hij in oktober 1961 spectaculair breken met Moskou en de « anti-revisionistische » stellingen van Peking omhelzen. Als eerste « maoïst » van het westen werd hij met veel bombarie uit het centraal comité van de KPB gezet (18 november 1962) waarvan hij een paar jaar eerder lid was geworden . Enkele maanden later werden zijn politieke vrienden uitgesloten die erg talrijk waren in de  Brusselse federatie van de Partij (april 1963).

Via zijn “politiek” netwerk en zijn aura van groot verzetsman kon Jacques Grippa dan een belangrijke stap zetten. In 1963 lag hij aan de basis van een soort « KPB-bis » met federalistische statuten en met een Peking-getrouwe partijlijn. Met een zeer strijdbaar weekblad (La Voix du Peuple, vooral gefinancierd met discrete Chinese subsidies) kon  Grippa  honderden oude militanten uit het stalinistische tijdperk en een paar groepjes jongeren gefascineerd door de Revolutie  achter zich scharen .

Dat was niet genoeg om bij de parlementsverkiezingen van  1965 verkozen te worden. De KPB-versie Peking kreeg slechts 23.903 stemmen tegen 236.721 voor hun “Moskougetrouwe” vijandige broers. Daarna werden de  « grippisten » steeds minder talrijk na een aantal dissidenties … en uitsluitingen uitgesproken door  een Grippa die er altijd snel bij was om lauwheid t.a.v. zijn ideeën of strategie als een teken van verraad te zien.

Grotendeels vereenzaamd overleed hij op 30 augustus 1991,  een paar weken voor de uiteindelijke implosie van de USSR… 

le-drapeau-rouge-16-8-1945.jpg
Instelling : KBR
Oorspronkelijke legende : Le Drapeau rouge, 16 augustus 1945
la-voix-du-peuple.jpg

Bibliografie

Jean-Marie CHAUVIER, « Gauchisme » et nouvelle gauche en Belgique, Courrier Hebdomadaire du CRISP n° 600-601 du 20  avril  1973 et n° 602-603 du 4 mai 1973.

Alain COLIGNON, Notice Jacques GRIPPA, dans Nouvelle Biographie Nationale, 1988-2018. - 14 vol. : cart., ill., ind.; 25 x 17 cm, Tome 7, pp. 170-176, https://www.academieroyale.be/...

Jan-Michel DE WAELE, Un cas de peur du rouge chez les rouges ? Les réactions dans le parti communiste de Belgique face à la scission grippiste, dans La peur du rouge, édité par Pascal DELWIT et José GOTOVITCH. - Bruxelles : Ed. de l'Université de Bruxelles, Institut de Sociologie, 1996, pp. 137-146.


José GOTOVITCH, Du Rouge au Tricolore : les Communistes Belges de 1939 à 1944 : un aspect de l’histoire de la Résistance en Belgique. Bruxelles: Labor, 1992.

Jacques GRIPPA, Chronique vécue d’une époque, 1930-1947, Bruxelles, 1988.

Sur les circonstances de son arrestation, voir https://centremlm.be/Jacques-G...

-

Zie ook

27948 Artikels Verzet Maerten Fabrice