150468-dezitter-dr.jpg
Instelling : CegeSoma/Rijksarchief
Auteursrechten : CegeSoma, voorbehouden rechten
Originele legende : Prosper Dezitter, s.d.
Zelf op onderzoek / Verzet / De bronnen

Dragen collaborerende bewegingen bij aan de jacht op verzetsstrijders?

Auteurs : Maerten Fabrice (Instelling : CegeSoma/Rijksarchief) - Willems Bart (Instelling : CegeSoma/Rijksarchief)

Om deze pagina te citeren

Wie?

Vanaf het begin van de bezetting verzamelen Belgen en soms niet-Duitse buitenlanders informatie over verzetsgroepen om deze door te spelen aan de Duitse politiediensten. Naarmate verzetsbewegingen groeien, neemt ook deze activiteit toe.

Vanaf 1942-1943 organiseren collaborerende organisaties hun eigen politie om beter te kunnen optreden tegen gewapend verzet, vooral in Brussel en Wallonië.

  • In het zuiden van het land richt Rex in maart 1943 het Département Sécurité et Information op, met brigades actief in o.a. Eigenbrakel, Hoei, Luik, Bergen en vooral Brussel, Charleroi en La Louvière. Zij verzamelen inlichtingen over (vermeende) verzetslui.
  • In Vlaanderen voert het Veiligheidskorps van DeVlag onder leiding van Robert Verbelen een strijd tegen het verzet. Deze organisatie verzamelt eveneens informatie, maar pleegt vanaf 1944 ook gewelddadige acties zoals plunderingen, martelingen, invallen en moorden.

Wat?

Veel door collaborateurs opgestelde dossiers en fiches zijn aan het einde van de oorlog vernietigd, maar sommige zijn bewaard gebleven. Deze documenten zitten vaak in de archieven van het militair gerecht en dienden na de oorlog als bewijs in processen tegen collaborateurs. Hoewel de inhoud vaak onbetrouwbaar is door onvolledige of foutieve informatie, zijn ze toch waardevol omdat ze tijdens de bezetting werden opgesteld.

Een bijzonder geval is de Spaanse falangist Luis Mercader (1893-1944), die tot juni 1943 voor de Sipo-SD werkte. Met hulp van Belgische agenten stelde hij minstens 467 rapporten op waarin o.a. Joden, vrijmetselaars, communisten, socialisten, vijanden van Duitsland en/of vrienden van de geallieerden werden aangegeven. Hoewel niet alle rapporten correcte informatie bevatten, zijn ze een rijke bron over het lot van vele slachtoffers, vooral over verzetsstrijders die tijdens de oorlog omkwamen.

Waar?


  • Het Rijksarchief bewaart dossiers van het auditoraat‑generaal, de krijgsraden en -hoven. Deze dossiers zijn verspreid over verschillende afdelingen van het Rijksarchief (ter plaatse raadpleegbaar, mits toestemming van het college van procureurs-generaal). Zie de fiche Militair gerecht voor meer informatie over de precieze locatie en de raadplegingsmodaliteiten van deze strafdossiers van het militair gerecht.
  • Het CegeSoma bewaart het archief van Luis Mercader (AA1312) en zijn 467 rapporten (ter plaatse raadpleegbaar).
  • Het Studie- en Documentatiecentrum van Vrijmetselarij in België (CEDOM) bewaart de dossiers betreffende de vrijmetselarij (ter plaatse raadpleegbaar).
  • De website BelgicaPress (Koninklijke Bibliotheek van België) bevat krantenartikels over de processen tegen voormalige leden van de Sipo‑SD, waarin talrijke getuigenissen tegen verzetsbewegingen zijn samengebracht. Dit vormt dus een nuttige piste om de namen van collaborateurs te identificeren (online raadpleegbaar).
Om deze pagina te citeren
Dragen collaborerende bewegingen bij aan de jacht op verzetsstrijders?
Auteurs : Maerten Fabrice (Instelling : CegeSoma/Rijksarchief) - Willems Bart (Instelling : CegeSoma/Rijksarchief)
https://www.belgiumwwii.be/nl/zelf-op-onderzoek/verzet/de-bronnen/dragen-collaborerende-bewegingen-bij-aan-de-jacht-op-verzetsstrijders.html