België in oorlog / Artikels

Proces van de Sipo-SD Charleroi (Het)

Thema - Justitie

Auteur : Weisers Marie-Anne

Drie jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog begon België aan een reeks processen tegen de verantwoordelijken van het Duits bezettingsapparaat. Deze werden eerst opgespoord door de Commissie voor Oorlogsmisdaden, dan aangehouden en door de geallieerde overheden uitgeleverd aan België.

De uitspraak van de Krijgsraad te Bergen

Het proces van de Sipo Charleroi begon op  29 juni 1948 voor de Krijgsraad van Bergen en duurde zes weken. Het zou een ijkpunt worden voor het Belgisch nationaal juridisch kader. Het ging om een collectief proces tegen eenentwintig beschuldigden: zestien Duitsers, een Oostenrijker, een Italiaan en drie Belgen. Elf Duitsers waren instructeurs, de anderen chauffeurs of vertalers. Het onderzoeksdossier bevatte een vijftigtal dossiers ‘mishandelingen’,zeven dossiers ‘moorden’ en een dossier m.b.t. de moordpartij van Gosselies waar de Duitse overheden als represaille waren overgegaan tot de terechtstelling van twintig gijzelaars.  

De beschuldigden werden vooral vervolgd voor inbreuken op art. 118 bis van het Strafwetboek: moord, slagen en verwondingen, diefstal, oplichting en verklikking aan de vijand (voor de Belgische verdachten). Aangezien de toenmalige Belgische wetgeving geen strafbepalingen bevatte m.b.t. de terechtstelling van gijzelaars, vervolgingen en wegvoering stelde   auditeur-generaal Walter Ganshof van der Meersch voor om zo mogelijk art. 118 bis dat politieke collaboratie betrof, te gebruiken om de voormalige Duitse bezetter te kunnen veroordelen voor zijn misdadige politiek tegen de bevolking van het land. Maar in de geest van de wetgever was dit artikel (uit 1917) vooral gericht tegen misdaden van een ‘slecht Belgisch burger’ en niet van een buitenlands “vijandelijk” onderdaan. Later hadden noch de regering in ballingschap in Londen, noch de auteurs van de wet van 20 juni 1947 m.b.t. de bevoegdheden van de militaire gerechten aangaande oorlogsmisdaden de nodige wijzigingen aangebracht om deze lacune ongedaan te maken. De Krijgsraad van Bergen zou echter de eisen van de krijgsauditeur volgen en een deel van de beschuldigden ter dood veroordelen, gebaseerd op deze juridische grondslag.

het-laatste-nieuws-30-6-1948.png
Instelling : KBR
Oorspronkelijke legende : Het Laatste Nieuws, 30 juni 1948, p.3
derniAre-heure-3-7-1948-p-4.png
Instelling : KBR
Oorspronkelijke legende : La Dernière Heure, 3 juli 1948, p. 4

Juridisch kunst- en vliegwerk

journal-des-tribunaux-17-4-1949(2).png
Instelling : KULeuven
Oorspronkelijke legende : Jacques Basyn, "La répression des crimes de guerre", Journal des tribunaux nr 3807, 17 april 1949, p. 1.

De beslissing van de rechters werd echter in beroep ongedaan gemaakt door het Brusselse Krijgshof. Dit concludeerde dat art. 118 niet van toepassing was op militairen en ambtenaren van een voormalige vijandelijke Staat die op het moment der feiten optraden in naam van een bezettende macht. Op 4 juli 1949 werd deze beslissing  door het Hof van verbreking bevestigd met het motief dat dit artikel van het Strafwetboek het idee van verraad betrof en dat “verraad een inbreuk op de plicht tot getrouwheid jegens de Staat veronderstelt en dus niet kan bestaan in hoofde van een onderdaan van een vreemde mogendheid, behalve als deze een dergelijke plicht jegens België zou onderschreven hebben “ .

Van nu af aan kon het auditoraat Duitse oorlogsmisdadigers niet langer vervolgen op basis van een artikel met algemene strekking maar zou het voor elke zaak een welbepaalde inbreuk moeten bewijzen . Het zou de vervolging bijzonder ingewikkeld maken. 

Bibliografie

Gilbert Guillaume, Le procès des criminels de guerre membres de la Sicherheitspolizei de Charleroi, mémoire de licence, Université libre de Bruxelles, 2006.

Weisers Marie-Anne, La justice belge, les bourreaux allemands et la Shoah, Bruxelles, Éditions de l’Université de Bruxelles, 2020.

Wouters Nico, « La persécution des Juifs devant les juges belges (1944-1951) », in Van Doorslaer Rudi, Debruyne Emmanuel, Seberechts Frank et Wouters Nico (dir.), La Belgique docile. Les Autorités belges et la persécution des Juifs en Belgique durant la Seconde Guerre mondiale, Bruxelles, Luc Pire, 2007, p. 817-1053. 

 

Meer weten

163793 Artikels Militaire justitie - repressie Rousseaux Xavier
163793 Artikels Militair gerechtshof - repressie Campion Jonas
163792 Artikels Krijgsauditoraat - repressie Campion Jonas
Pour citer cette page
Proces van de Sipo-SD Charleroi (Het)
Auteur : Weisers Marie-Anne
https://www.belgiumwwii.be/nl/belgie-in-oorlog/artikels/proces-van-de-sipo-sd-charleroi-het.html