Jules Slambrouck (1900-1945) is tijdens de Tweede Wereldoorlog actief in het verzet. Hij verspreid sluikbladen en vergaart inlichtingen. Op 15 april 1942 arresteert de Geheime Feldpolizei Slambrouck. Hij wordt naar Duitsland gedeporteerd, maar keert nooit terug. Hij is vermoedelijk in 1945 in Bautzen overleden. In 2024 herdenkt de stad Menen hem met een struikelsteen in de Ontvoogdingsstraat, de plaats waar hij het grootste deel van zijn leven woonde.
Wees, vader en stadsbediende
Jules Alphonse Slambrouck wordt geboren op 10 oktober 1900 en groeit op in Menen bij zijn alleenstaande Franse moeder. Zijn vader overlijdt wanneer Jules nog geen vijf jaar oud is. Op 20 oktober 1922 trouwt hij met de twintigjarige Française Esther-Marie Beel, geboren in Halewijn (Halluin, Frankrijk). Samen krijgen ze vijf kinderen. Hun jongste zoon wordt geboren bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog.
Slambrouck werkt op dat moment al geruime tijd als stadsbediende bij de Burgerlijke Stand van Menen. Vanuit die functie is hij goed ingebed in het lokale bestuur. Onder het liberale burgemeesterschap van Armand Deweerdt speelt hij een actieve rol bij de opvang van de ongeveer 50.000 vluchtelingen die tijdens de eerste oorlogsmaanden in Menen aankomen. In 1942 wordt Deweerdt door de bezetter aan de kant gezet en vervangen door Aimé Maenhout, lid van de VNV.
Originele legende : Jules Slambrouck en echtgenote Esther Beels, s.d.
‘Zwarte lijst’
Originele legende : Nieuws van de dag, 24 september 1941
Kort na het uitbreken van de oorlog in mei 1940 worden in heel België door de Belgische overheid zo’n 6.000 tot 8.000 verdachte personen gearresteerd. Het gaat onder meer om communisten, nationaalsocialisten, rexisten en Vlaams-nationalisten, maar ook om mensen met een buitenlandse nationaliteit. Een groot deel van hen bestaat uit vreemdelingen, waaronder veel joden en zelfs personen die bekend staan om hun antifascistische sympathieën. De arrestaties worden al vóór de Duitse inval van 10 mei 1940 voorbereid door de Belgische overheid en het gerecht. Daarbij worden onder meer lijsten opgesteld die door de collaborerende pers later als ‘zwarte lijsten’ worden aangeduid.
Ook in Menen vinden arrestaties plaats. Op 16 mei 1940 worden vier personen – dokter Robert Raveschoot, Renaat Denolf, Octave Noyez en Maurits Lewyllie – opgepakt omdat ze ervan worden verdacht banden te hebben met het Verdinaso. De eerste twee zijn tijdens hun detentie in Frankrijk overleden.
Deze zaak leidt tot een proces waarvan het vooronderzoek in het najaar van 1941 van start gaat. Jules Slambrouck is een van de belangrijkste verdachten. De collaborerende pers maakt hier uiteraard gretig gebruik van, temeer omdat Slambrouck op het moment van de uitspraak – hij wordt op 10 juni 1942 veroordeeld tot een maand gevangenisstraf en een boete van 700 frank wegens „schending van het beroepsgeheim“ – al gearresteerd is.
Verzet, arrestatie en deportatie
Naast zijn werk als stadsbediende engageert Slambrouck zich actief in het verzet. Hij fungeert onder meer als tussenpersoon bij de verspreiding van de clandestiene krant La Libre Belgique, een van de belangrijkste sluikbladen tijdens de bezetting. Hij staat in voor de verdeling van grotere hoeveelheden drukwerk, dat vervolgens via lokale netwerken verder wordt verspreid.
In het voorjaar van 1941 wordt hij door Louis Tordeurs uit Moeskroen gerekruteerd en wordt afdelingshoofd van de inlichtingendienst ‘Bravery’. In het begin beperkten zijn activiteiten zich niet tot inlichtingenwerk: hij hield zich ook bezig met sabotage en ontsnappingen.
Hoewel Slambrouck op 10 juni 1942 door de rechtbank van Kortrijk werd veroordeeld wegens „schending van het beroepsgeheim”, was zijn leven al bijna twee maanden eerder op zijn kop gezet. Op 15 april 1942, omstreeks half elf ’s ochtends, valt de Duitse Geheime Feldpolizei het stadhuis van Menen binnen. Hun doel is duidelijk: stadsbediende Jules Alphonse Slambrouck arresteren. Samen met een veertigtal, voornamelijk mannelijke, verdachten uit Kortrijk, Moeskroen, Ieper en Menen, die ervan worden verdacht betrokken te zijn bij verzetsactiviteiten, wordt hij opgepakt in het kader van het van het beruchte Nacht und Nebel-decreet. Aanvankelijk worden de arrestanten opgesloten in de gevangenissen van Kortrijk en Brugge. In augustus 1942 worden ze vervolgens naar Duitse strafkampen gedeporteerd. Een van hen is Bertha Malfait, uitbaatster van café Paviljoen, waar onder meer clandestiene pers wordt verspreid.
Originele legende : La Libre Belgique (21 juli 1942)
Collectie : Dossier : Jules Slambrouck, inlichtings- en actieagent
Originele legende : Verslag van een gesprek tussen Marcel Thomas en Maurice Dupont over Jules Slambrouck, 15 juni 1950.
De directe aanleiding voor deze golf va arrestaties ligt bij het Atheneum van Kortrijk, waar directeur Nestor Vanderbiest kennis krijgt van clandestiene pers die door leerlingen wordt verspreid. Dit leidt tot een kettingreactie van arrestaties, waarbij de betrokkenen beschuldigd worden van spionage.
Voor Slambrouck en zijn lotgenoten, onder wie Louis Tordeur, Maurice Dupont, Maurice De Heegher, Willy Cappoen, Roger Callewaert en studenten zoals Jean Monteyne en Maurice Vangilsbergen, volgt een periode van extreme ontbering. Honger, mishandeling en voortdurende onzekerheid bepalen het dagelijkse bestaan in de kampen. Tegelijk blijven hun families volledig in het ongewisse over hun verblijfplaats en hun lot.
Slambrouck wordt doorheen de oorlog overgebracht naar verschillende gevangenissen en strafkampen. In 1944 verschijnt hij samen met enkele medegevangenen voor een rechtbank in Gross-Strehlitz (het huidige Strzelce Opolskie in Polen). Hun gevangenschap eindigt daarmee echter niet: zij blijven aangehouden en worden opnieuw naar andere kampen overgebracht.
Nasleep en erkenning
De gevolgen van de deportaties zijn bijzonder zwaar. Van de veertig gearresteerden overleven er elf de oorlog niet. Roger Callewaert, een van de overlevenden, blijft levenslang invalide. De mannen die terugkeren, verkeren in een erbarmelijke fysieke toestand; sommigen wegen nog amper 33 kilogram.
Ook het thuisfront wordt zwaar getroffen. In april 1944 overlijdt Slambroucks echtgenote, Esther-Marie Beel, die al geruime tijd ziek is. Zijn moeder blijft alleen achter met de zorg voor de vijf jonge kinderen, die niet alleen hun vader, maar nu ook hun moeder moeten missen. Na de bevrijding blijft de onzekerheid voor de familie. Wanneer Jules in januari 1946 nog steeds niet is teruggekeerd, schrijft zijn moeder een aangrijpende brief aan het Ministerie van Wederopbouw met de vraag om haar zoon op te sporen. Deze zoektocht levert echter geen resultaat op: noch Duitse instanties, noch het Rode Kruis of het Amerikaanse leger kunnen uitsluitsel geven over zijn lot. Uiteindelijk wordt hij officieel doodverklaard op 8 mei 1945. Vermoedelijk overlijdt hij in Bautzen, nabij Dresden.
De erkenning voor zijn verzetswerk krijgt Slambrouck postuum: in 1949 die van Gewapend Weerstander en Politiek Gevangene, in 1951 die van Actie- en Inlichtingsagent, en in 1954 tot slot die van Weerstander door de Sluikpers.
In 2024 eert de stad Menen zijn nagedachtenis door het plaatsen van een struikelsteen in de Ontvoogdingsstraat, de plek waar hij het grootste deel van zijn leven heeft gewoond.
Collectie : Dossier Jules Alphonse Slambrouck
Originele legende : Brief Mevr. Slambrouck gedateerd 15 januari 1946
Bibliografie
Algemeen Rijksarchief 2 - depot Joseph Cuvelier
Dossier Politiek Gevangene, Jules Alphonse Slambrouck.
Algemeen Rijksarchief
Dossier Gewapende Weerstander, Jules Alphonse Slambrouck.
CegeSoma/Rijksarchief
Dossier Inlichtings- en Actieagent, Jules Alphonse Slambrouck.
Dienst Archief Oorlogsslachtoffers / Rijksarchief
Dienst Documentatie en Opzoekingen, Dossier Jules Alphonse Slambrouck.
Dossier Clandestiene Pers, Jules Alphonse Slambrouck
Denuit-Somerhausen, Christine. “Le décret ‘Nacht und Nebel’ de décembre 1941 et les prisonniers politiques belges : une première approche”. Cahiers d’Histoire de la seconde guerre mondiale XVI, nr. 1 (1994): 17-40.
Desmet, Walter. “De lotgevallen van vier ‘verdachte’ Menenaars tijdens de meidagen 1940”. Onuitgegeven document van de Heemkring Menen ter beschikking gesteld door de erfgoedconsulent van de Stad Menen. Heemkring Menen, z.d.
Haezebrouck, Alexander. “‘Ik zie de auto van de Gestapo om papa mee te nemen nog voor de deur staan’: Menen onthult drie nieuwe struikelstenen voor verzetsstrijders tijdens WOII”. Menen. Het Laatste Nieuws, 25 april 2024.
Seynnaeve, Arnold. “Menen: burgemeester Armand Deweerdt wordt vervangen door Aimé Maenhout”. Verzet en collaboratie in Wevelgem en Zuid-West-Vlaanderen, 4 december 2022. https://arnosey.blogspot.com/2023/03/menen-burgemeester-armand-deweerdt.html.
Strubbe, Fernand. Geheime Oorlog 40-45: De Inlichtings- en Actiediensten in België. Lannoo, 1992.
Wouters, Nico. De Führerstaat: overheid en collaboratie in België (1940-1944). Lannoo, 2006.





