100205
Auteur : Otto Kropf
Instelling : CegeSoma
Collectie : Spronk
Auteursrecht : Spronk
Oorspronkelijke legende : Zonder originele legende
Webcaptie : Het Justitiepaleis in Brussel (Poelaertplein) symboliseert met zijn monumentale architectuur en zijn imposante grootte, het belang van de Belgische rechterlijke macht. Het gebouw imponeert zelfs de Führer tijdens zijn doortocht door België in 1940.
In het hart van bezet België

Eugène Predom: bevoegdheidsconflict met fatale gevolgen

Thema - Justitie

Fort van Breendonk, 13 januari 1943. Twintig ‘terroristen’ worden gefusilleerd door de Duitse bezetter als reactie op aanslagen. Één van hen is de jonge Eugène Predom: 27 jaar, huisschilder, actief in een communistische verzetskern in Anderlecht en verraden door een vijftienjarig lid van de groep. Ontdek waarom zijn dood voor de Belgische justitie een netelige kwestie is.

Auteur : Cachet Tamar (Instelling : CegeSoma)

Fort van Breendonk, 13 januari 1943. Twintig ‘terroristen’ worden gefusilleerd door de Duitse bezetter als reactie op aanslagen.

Één van hen is de jonge Eugène Predom: 27 jaar, huisschilder, actief in een communistische verzetskern in Anderlecht en verraden door een vijftienjarig lid van de groep. De verzetsdaden van het groepje beperken zich in de eerste plaats tot het bekladden van enkele huizen van collaborateurs. Behalve dan dat de gerechtelijke politie explosieven in het appartement van Predom vindt bij een huiszoeking…

Predoms dood voor het Duitse vuurpeloton is een netelige kwestie. Het is namelijk niet de Duitse, maar de Belgische politie die hem arresteerde; en dat voor niet bepaald zware feiten. Het legt de zeer reële risico’s bloot van de samenwerking tussen de Belgische justitie en de Duitse politiediensten in de context van de Belgische politiek van het minste kwaad.

Predom_Laatste Nieuws 15 januari 1943
Collectie : Laatste Nieuws, 15 januari 1943
Oorspronkelijke legende : Zonder originele legende
100205
Auteur : Otto Kropf
Instelling : CegeSoma
Collectie : Spronk
Auteursrecht : Spronk
Oorspronkelijke legende : Zonder originele legende
Webcaptie : Het Justitiepaleis in Brussel (Poelaertplein) symboliseert met zijn monumentale architectuur en zijn imposante grootte, het belang van de Belgische rechterlijke macht. Het gebouw imponeert zelfs de Führer tijdens zijn doortocht door België in 1940.

De executie roept een aantal delicate vragen op. Hoe verloopt de samenwerking tussen de bezetter en de Belgische justitie? Die laatste probeert haar zelfstandigheid te behouden door enkele toegevingen te doen aan de Duitsers. Maar het kluwen van afspraken en toegevingen zorgt al snel voor onduidelijkheid en chaos met alle gevolgen van dien voor de Belgische burgers. Is Predoms dood een jammerlijk misverstand? Of heeft de Belgische magistratuur bloed aan haar handen

13 Oktober 1942: verzetsgroep betrapt in Anderlecht

Predom_Drapeau Rouge 28 oktober 1944 Predom uitgesneden
Collectie : Le Drapeau Rouge, 28 oktober 1944
Oorspronkelijke legende : Zonder originele legende
Webcaptie : Eugène Predom

Anderlecht, 13 oktober 1942. Een vijftienjarige jongen deelt clandestien pamfletten uit op straat. Een toevallige passant meldt dit aan het lokale politiebureau en adjunct-commissaris Jan Stappaerts houdt de jongen aan. Die bekent en verklaart bovendien dat hij met een groepje vrienden ook huizen van collaborateurs bekladt. Sterker nog, zijn groepje zou deel uitmaken van een verzetskern die in de hele hoofdstad opereert en zelfs bomaanslagen op collaborateurs pleegt.

Stappaerts licht het parket in om een onderzoek te starten naar het groepje en hun leider, ene Eugène Predom. Maar het parket wil de zaak liever uit handen van de lokale politie nemen en schakelt de gerechtelijke politie in. Die staat er immers om bekend niet al te vlijtig onderzoek te voeren naar verzetsacties. Zo lopen de verdachten niet het gevaar om al te zwaar door de Duitsers gestraft te worden.

Maar Stappaerts, een aanhanger van de Nieuwe Orde, geeft zich niet snel gewonnen. Hoewel hij niet langer betrokken is bij het onderzoek, neemt hij toch deel aan de huiszoeking die de politie op het spoor van Eugène Predom brengt. Ook wanneer ze het appartement van Predom en zijn vriendin doorzoeken, is Stappaerts van de partij. Ze vinden propagandamateriaal, instructies voor het doorsnijden van Duitse telefoonlijnen en explosieven. Nu durft het parket de zaak niet meer onder het tapijt te vegen. 

Maar als het parket de verzetsleden niet in gevaar wil brengen, waarom hebben ze dan in de eerste plaats een onderzoek opgestart? 

Ook de justitie voert een politiek van het minste kwaad

De ervaring van de bezetting tijdens WOI en de Conventie van Den Haag beïnvloeden de houding van justitie tegenover bezetter tijdens WOII. De ambtenaren moeten op hun post blijven, maar zullen geen bevelen uitvoeren die ingaan tegen zogenaamde vaderlandse plichten. Kortom: men voert een politiek van het minste kwaad

Wanneer de Duitsers België bezetten in 1940, leggen de secretarissen-generaal met de bezetter de bevoegdheidsverdeling vast inzake justitie. De Duitse krijgsgerechten zijn enkel van toepassing op feiten gericht tegen Duitsers. 

275717
Instelling : ARA-CegeSoma
Collectie : Foto's van de archieven Gerechtelijke Politie Brussel mbt aanslagen, sabotages en diefstallen tijdens de bezetting ("Attentats Occupation"), 1940-1944
Auteursrecht : Rechten voorbehouden
Oorspronkelijke legende : Zonder originele legende
Webcaptie :

In de praktijk blijkt deze afspraak tussen de Belgische justitie en de Duitse bezetter minder evident. Een duurzame en duidelijke overeenkomst over de verdeling van de bevoegdheden komt er nooit. Zo is het vooral onduidelijk wiens politiediensten bevoegd zijn voor de opsporing van betrokkenen bij aanslagen door het verzet op Belgische collaborateurs. De explosieven gevonden bij Predom plaatsen hem net in die categorie.

32785
Instelling : CegeSoma
Collectie : Belgapress
Auteursrecht : CegeSoma
Oorspronkelijke legende : La plus récente photo de M. Schuind. [censure photographique]

Na veel administratieve chaos lijkt de bezetter op 8 oktober 1942 dan toch een duidelijke instructie te geven. Secretaris-generaal Gaston Schuind meent immers dat de berechting van dergelijke politiek gemotiveerde aanslagen op Belgen voortaan wordt toevertrouwd aan de Belgische justitie. Die toegeving komt er vlak voor de opsporing van Predoms verzetsgroepje. De magistraten vrezen dat de Duitsers gelijkaardige zaken zelf willen gaan berechten als ze ontdekken dat de Belgische justitie hier en daar de andere kant op kijkt… met zwaardere straffen tot gevolg. 

Het is op basis van die redenering dat de procureur des Konings, Lucien Van Beirs, Predom en zijn vriendin aanhoudt. Ook de bemoeizucht van Stappaerts zal ongetwijfeld een rol hebben gespeeld. Ze komen terecht in de gevangenis van Vorst.

18 november 1942: Predom in Duitse handen

35629
Instelling : CegeSoma
Collectie : Actualit
Auteursrecht : CegeSoma
Oorspronkelijke legende : De gevangenis van Sint-Gillis in Brussel
Webcaptie : Gang in de gevangenis van Sint-Gillis in 1939. Tijdens de oorlog blijft de gevangenis functioneren. Sommige afdelingen worden opgeëist door de Duitse bezetter om er bepaalde gevangenen in op te sluiten.

Het Duitse militaire bestuur in Brussel krijgt lucht van de zaak, maar niemand weet hoe. Heeft de gerechtelijke politie of het parket processen-verbaal doorgegeven? Kwam de tip van de lokale politie? Hoe dan ook zijn de lokale Duitse autoriteiten verbolgen over de vrijlating van de jongere leden van het verzetsgroepje. De Duitsers eisen nu openlijk de processen-verbaal op. De procureur des Konings Van Beirs begint zich stilaan zorgen te maken over het lot van Predom. 

Zijn bezorgdheid is niet onterecht. Op 18 november 1942 brengen Duitse autoriteiten, buiten het medeweten van de Belgische justitie, Predom en zijn vriendin over naar de door hen gecontroleerde gevangenis van Sint-Gillis. Van Beirs is verontwaardigd. Dit gaat volledig in tegen de toezegging van 8 oktober 1942. Stelde die niet dat verdachten van politiek gemotiveerde misdrijven tegen Belgen, opgespoord door de Belgische politie, in eigen gerechtelijke handen mochten blijven?

21 november 1942: de procureur des Konings slaat alarm

Op 21 november maant Van Beirs de procureur-generaal Charles Collard in een brief aan om Predom en zijn vriendin zo snel mogelijk uit handen van de Duitsers te halen. Dreigend voegt hij eraan toe: “Het spreekt voor zich dat een Belgische magistraat nooit kan collaboreren met het toepassen van buitenlandse wetten, geïnspireerd door militaire belangen van de bezetter en met het risico op de executie van een Belg.” Van Beirs beseft dat Predom wel eens de dood zou kunnen vinden, wat de Belgische wetgeving nooit zou hebben toegelaten. Hij neemt bovendien het heft in eigen handen om toekomstige voorvallen te vermijden: hij beveelt de gerechtelijke politie om ieder onderzoek te staken zodra blijkt dat het om een politiek gemotiveerde daad gaat.

Van Beirs waarschuwing valt niet in dovemansoren bij Collard, maar de hiërarchische toplaag van de magistratuur komt maar traag in beweging. Collard schrijft een aantal brieven naar secretaris-generaal Gaston Schuind. Wanneer Schuind uiteindelijk zelf een brief naar de bezetter schrijft waarin hij kritiek uit op het niet naleven van de afspraak van oktober 1942, vermeldt hij de zaak-Predom niet.

Het alarm van Van Beirs haalt niets uit. Zelf krijgt hij een beroepsverbod omdat hij sinds de overplaatsing van Predom weigert mee te werken aan gelijkaardige zaken. Hij probeert te vluchten naar Londen om er de regering in ballingschap te vervoegen, maar onderweg wordt hij gearresteerd en als politieke gevangene gedeporteerd naar Buchenwald.

Van Beirs zal het kamp overleven en na de oorlog verder carrière maken als voorzitter van het Hof van Cassatie. En Predom? Die wordt op 10 januari 1943 uit Sint-Gillis weggehaald en naar Breendonk overgeplaatst…

96659
Auteur : Raphaël Algoet
Instelling : CegeSoma
Collectie : Algoet
Auteursrecht : CegeSoma
Oorspronkelijke legende : Lucien Van Beirs, procureur du roi de Bruxelles
Webcaptie : Lucien Van Beirs in Buchenwald

13 januari 1943: Predom wordt gefusilleerd

13 januari 1943, Breendonk. Samen met 19 andere ‘terroristen’ wordt Eugène Predom gefusilleerd als represaille voor aanslagen op leden van het Duitse leger te Brussel.

Predom_Drapeau Rouge 28 oktober 1944 Predom
Collectie : Le Drapeau Rouge, 28 oktober 1945
Oorspronkelijke legende : Zonder originele legende

Enkele dagen na de executie maakt de bezetter de dood van Predom bekend. Ook de clandestiene kranten berichten over de zaak. Het beroert de Brusselse magistratuur. De advocaten-generaal en substituten richten zich gezamenlijk tot Collard. Ze dreigen ermee Collards autoriteit te ondermijnen als hij geen actie onderneemt tegen de bemoeizucht van de Duitsers. Dat is opmerkelijk in de hiërarchische wereld van de magistratuur.

Niet alleen zijn eigen personeel zet Collard onder druk. Het Onafhankelijkheidsfront, de grootste Belgische verzetsorganisatie, schrijft hem een brief met de niet mis te verstane beschuldiging: “Uw handen zijn voor altijd gekleurd met het bloed van Predom.” Ook andere leden van de magistratuur ontvangen gelijkaardige brieven op hun bureau. Uiteindelijk geeft Collard in juni 1943 voorzichtig groen licht om elk onderzoek te staken dat ruikt naar een politiek misdrijf.

Ondertussen heeft de bezetter nog zeker drie Belgische verdachten overgenomen en gefusilleerd.

21 november 1944: de magistratuur aangeklaagd

163793
Instelling : CegeSoma
Auteursrecht : Rechten voorbehouden
Oorspronkelijke legende : Ganshof Van Der Meersch. Krijgshof
Webcaptie : Zitting van het militair gerechtshof. De militaire rechtspraak is verantwoordelijk voor processen in verband met collaboratie. De eerste uitspraak komt van de krijgsraad. Het militair gerechtshof is het gerecht in hoger beroep. In tegenstelling met de krijgsraad, oordeelt zij uitsluitend op basis van bewijsstukken.

Na de bevrijding dient de vriendin van Predom klacht in tegen de magistratuur en gerechtelijke politie die bij zaak betrokken waren. Het auditoraat-generaal, dat verantwoordelijk is voor de berechting van collaborateurs, opent een onderzoek. De zaak is complex. Niet alleen zijn er veel magistraten en leden van de gerechtelijke politie bij betrokken, ook de gevoerde politiek van het minste kwaad zorgt voor moeilijkheden. Die politiek was immers weinig zwart-wit en vooral heel erg grijs. 

In februari 1947 wordt het onderzoek na meer dan twee jaar afgerond. Het Belgische gerecht stelt de zaak-Predom buiten vervolging. Reden: om verklikking te bewijzen moet kwaad opzet worden aangetoond. Er zijn inderdaad geen aanwijzingen dat de magistraten slechte bedoelingen hadden, integendeel.

Wie in de zaak-Predom wel een duidelijk collaboratieprofiel heeft, is commissaris Jan Stappaerts. Maar hij kan in 1947 al niet meer vervolgd worden. Op 4 augustus 1944 schiet het verzet de commissaris van zijn fiets en hij sterft. Het clandestiene blad Le Policier bericht: “Gerechtigheid is geschied."

Inschattingsfout of schuld?

Hebben de magistraten hun verantwoordelijkheid ontlopen? Achteraf gezien lijkt de houding van Van Beirs en consorten goedbedoeld, maar behoorlijk naïef. Door toenemende verzetsdaden begint de bezetter rond de jaarwisseling 1942-1943 harder op te treden. Niet verwonderlijk dat ze de onafhankelijkheid van de Belgische justitie niet langer respecteren. De afspraak van oktober 1942 blijkt trouwens een farce, want bij een wissel van de macht in het kamp van de bezetter wordt die afspraak ingetrokken. Jammer genoeg wordt de Belgische justitie hier niet rechtsreeks over ingelicht, maar moet dit vernemen door ontwikkelingen op het terrein, zoals de executie van Predom door de Duitsers.

Predom_Plakkaat
Auteur : Jan Julia Zurné
Instelling : Collectie Jan Julia Zurné
Auteursrecht : Jan Julia Zurné
Oorspronkelijke legende : Zonder originele legende

Kortom: voor de Belgische justitie en de politie is de dagelijkse praktijk anno 1942 enorm verwarrend. De Belgische justitie zag Predoms dood eerder als een bedrijfsongeval. Dat ligt in het verlengde van een over het algemeen milde veroordeling van de politiek van het minste kwaad. Zolang men de Nieuwe Orde niet had aangehangen ... 

Critici, vooral uit communistische hoek, gaan na de oorlog niet akkoord met dit patriottische zelfbeeld. Voor hen is Predoms case geen accident de parcours maar hard bewijs van de desastreuze gevolgen van de politiek van het minste kwaad. Op zijn minst is de zaak een schrijnend voorbeeld van de rampzalige gevolgen van onduidelijkheid over bevoegdheden en gebrek aan inschattingsvermogen.

Bibliografie

Zurné, Jan Julia. “Een ‘Bedrijfsongeval’ Met Verregaande Gevolgen. Het Parket van Brussel En de Zaak-Predom (1942-1947).” Revue Belge d’Histoire Contemporaine/Belgisch Tijdschrift Voor Nieuwste Geschiedenis 46, no. 3/4 (2016): 12–45.

Zurné, Jan Julia. “‘Een Buitengewoon Verontrustend Gewetensprobleem’. De Belgische Magistratuur En Door Verzetsgropen Gepleegd Geweld Tegen Collaborateurs 1940-1950.” Ph.D. Thesis, Universiteit Gent, 2016.

Zurné, Jan Julia. Tussen twee vuren. Gerecht en verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog. Tielt, Lannoo, 2017.


Meer weten...

32785 Artikels Conflicten tussen de magistratuur en bezetter Zurné Jan Julia
291018 Artikels Politiek van het minste kwaad Wouters Nico
35615 Artikels Belgische magistratuur Zurné Jan Julia
165130 Artikels Duitse Repressie Roden Dimitri
27753 Artikels Verzetsmisdrijven Zurné Jan Julia